Toezien op zeggenschap: waarom toezichthouders nu verschil maken in de zorg

linkedin

Zeggenschap is in zorg en welzijn geen extra luxe, maar een voorwaarde voor goede zorg, goed werk en duurzame inzetbaarheid. De white paper Toezien op zeggenschap laat zien dat professionals pas echt tot hun recht komen als zij niet alleen mogen meedenken, maar ook daadwerkelijk invloed hebben op beleid, uitvoering en de ontwikkeling van hun vak. Voor toezichthouders ligt daar een belangrijke opdracht: niet alleen bewaken, maar ook mogelijk maken.

De urgentie is groot. In zorg en welzijn staan werkdruk, personeelstekorten, ziekteverzuim en vertrekintentie al jaren onder druk, terwijl ervaren zeggenschap samenhangt met werkplezier, behoud van medewerkers en kwaliteit van zorg. Juist daarom gaat goed toezicht niet alleen over cijfers, structuren en formele verantwoording,maar ook over de vraag of professionals werkelijk invloed ervaren op hun werk.

Meer dan medezeggenschap

Een van de belangrijkste inzichten uit de white paper is dat zeggenschap meer is dan medezeggenschap.Medezeggenschap gaat over formele inspraak en advies- of instemmingsrechten,terwijl zeggenschap verder gaat: het gaat om meebepalen, verantwoordelijkheid nemen en ruimte krijgen om het vak goed uit te oefenen. Zonder inhoud is zeggenschap volgens de white paper leeg; het moet gaan over het werk zelf, niet alleen over de vorm.

Daarbij hoort onderscheid tussen structuur en cultuur. Structuur gaat over raden, afspraken en besluitvormingslijnen; cultuur gaat over de dagelijkse praktijk waarin professionals zich gehoord weten en hun expertise daadwerkelijk terugzien in besluiten. Een organisatie kan formeel alles goed geregeld hebben, en toch inhoudelijk weinig echte zeggenschap kennen.

De controlewereld

De white paper schetst scherp hoe een wereld van controle, meetbaarheid en vermeende efficiëntie de ruimtevoor mensgerichte zorg heeft verkleind. Administratieve druk,verantwoordingslasten en eenzijdige focus op cijfers kunnen professionals weghouden van waar het werkelijk om draait: relatie, vakmanschap, afstemming engoede zorg. Dat raakt niet alleen de kwaliteit van zorg, maar ook het werkplezier en de bereidheid om in het vak te blijven.

Voor toezichthouders is dat een belangrijk signaal. Als toezicht te veel meegaat in controle en compliance,versterkt het juist de systemen die de ruimte voor professionals beklemmen. De white paper pleit daarom voor een beweging van beheersing naar vertrouwen, van afrekenen naar leren en van top-down sturing naar gedeeld besturen. Dat vraagt van toezichthouders een andere houding: minder invullen, meer duiden; minder controleren op details, meer sturen op kwaliteit van het gesprek.

De goede vragen

De kern is dat eentoezichthouder vragen stelt die zichtbaar maken hoe de bestuurder omgaat met complexiteit, onzekerheid en de inbreng van medewerkers. Niet: “Is het proces gevolgd?”, maar: “Welk type vraagstuk is dit?”, “Welke aannames liggen eronder?” en “Hoe is tegenspraak georganiseerd?”.

Enkele voorbeelden die goedpassen in een toezichtgesprek zijn:

·      Welk type vraagstuk is dit: technisch, organisatorisch of echtcomplex?

·      Welke onzekerheden zijn er nog, en welke aannames liggen onder hetplan?

·      Welke belangen, waarden of spanningen spelen mee?

·      Op welk moment zijn medewerkers betrokken: bij agendering,analyse, keuzevorming of uitvoering?

·      Welke groepen medewerkers zijn betrokken, en welke juist niet?Waarom niet?

·      Hoe is ruimte georganiseerd voor professionele inbreng,tegenspraak en alternatieven?

·      Hoe wordt voorkomen dat participatie alleen symbolisch is?

·      Welke inbreng is in beleidsvorming of evaluatie gebruikt? Is dit breed gedragen inbreng?

·      Welke kleine experimenten of tussenstappen gebruikt u om te leren wat werkt?

·      Hoe borgt u dat inzichten van medewerkers echt terugkomen in de besluitvorming?

Deze vragen brengen het gesprek weg van procedure alleen en brengen kwaliteit van denken, proces en betrokkenheid in beeld. Precies daar sluit de white paper op aan:toezichthouders moeten helpen om zeggenschap niet alleen te benoemen, maar ook structureel te organiseren en te toetsen.

We hebben als Zorg inDialoog veel ervaring met het stellen van de juiste vraag, in de juiste context om het juiste teweeg te brengen. Open vragen vereisen echter tijd, vertraging,om tot beantwoording te komen. In vele situaties is zelfs privacy vereist om tot doordacht, onbevangen of zelfs taboe-doorbrekend denken te komen. De Zorg in Dialoog methodiek faciliteert asynchrone dialogische gesprekken met kleine tot zeer grote groepen. Ze reflecteren zelf op open vragen en daarna, opnieuw met vertraging en privacy, ook op elkaars andersluidende perspectieven. Dit mag niet gehinderd worden door ‘strepen op de mouw’, oftewel iemands positie, vreesvoor repercussies of vrees voor bijvoorbeeld uitsluiting.

Wat goedtoezicht doet

De LAZ en NVTZ zien toezichthouders als sleutelspelers in het versterken van zeggenschap. Zij kunnen verbinden, ruggensteun bieden, betekenis geven en bestuurders helpen ruimte te maken voor professionele autonomie. Dat betekent ook dat toezicht niet alleen praat met bestuur, maar ook met professionals, professionele raden en andere betrokken gremia.

Werkbezoeken,themagesprekken en reflectie op signalen uit de organisatie helpen om de onderstroom beter te zien. De LAZ en NVTZ benadrukken bovendien dat zeggenschap duurzaam moet worden ingebed in structuur én cultuur, zodat het niet afhankelijk is van toevallige personen of individuele trekkers. Goed toezicht kijkt dus niet alleen of iets bestaat, maar of het ook werkt.

Tien aanbevelingen

De white paper van de LAZ enNVTZ sluit af met tien praktische aanbevelingen voor toezichthouders om zeggenschap structureel te versterken:

1.      Bevorder zeggenschap en toets of het een vast onderdeel is van beleid en organisatieontwikkeling.

2.     Zorg voor tijd en rust,zodat professionals hun vak en zeggenschap kunnen ontwikkelen.

3.     Veranker zeggenschap op alle niveaus, dus ook in lijnposities en teams.

4.     Vraag expliciet naar de rol en ontwikkeling van leidinggevenden in het versterken van zeggenschap.

5.     Meet ervaren zeggenschap periodiek, bijvoorbeeld met een nulmeting en opvolging.

6.     Overweeg een zeggenschaps effectrapportage bij besluiten die professionals direct raken.

7.     Gebruik voorbeelden en besturingsmodellen die passen bij sector, domein en organisatiegrootte.

8.     Stimuleer de interactie tussen professionele raden, cliëntenraad, OR, bestuur en toezicht.

9.     Vraag dat elk beleids- of investeringsvoorstel een paragraaf bevat over afstemming met professionals.

10.  Wees alert op duidelijke kaders en op de samenhang met andere vormen van medezeggenschap en zeggenschap.

Van toezicht naar vertrouwen

De kern is: van controle naar vertrouwen, van formeel naar feitelijk, van inspraak naar invloed.Zeggenschap gaat over professionals die hun vak goed kunnen uitoefenen,meebepalen waar hun werk over gaat en ruimte krijgen om te leren en bij testuren. Toezichthouders kunnen dat niet zelf organiseren, maar ze kunnen het wel mogelijk maken door de juiste vragen te stellen en de juiste voorwaarden te bewaken.

Daarmee wordt toezicht meerdan bewaken alleen. Het wordt een actieve rol in het versterken van goed werk,goede zorg en toekomstbestendige organisaties.

Laten we een afspraak maken!

De eerste stap is gezet: jullie hebben aandacht voor en interesse in het betrouwbaar raadplegen van medewerkers en draagvlak vergroten. De volgende stap? Ons een bericht sturen of direct iets in te plannen.

We ontmoeten je graag om te leren welke stap jullie willen zetten en waarom.

Onze Locatie

Dr. Lelykade 22 - Unit 4, 2583CM Den Haag, Nederland

Telefoon

0031 (0)85 401 1161