Verzuimbeleid vraagt om een scherpe OR: van analyse naar dialogische raadpleging naar invloed

linkedin

Verzuimbeleid is allang geenpuur HR- of arbodossier meer. Het raakt direct aan werkdruk, psychosocialearbeidsbelasting, duurzame inzetbaarheid en de kwaliteit van leidinggeven.Juist daarom moet de ondernemingsraad niet alleen toetsen of regels juridischkloppen, maar vooral ook onderzoeken wat die regels betekenen voor de praktijkop de werkvloer.

De recente aandacht voortoenemend stressgerelateerd verzuim onderstreept dat verzuimbeleid meer is daneen protocol voor ziekmeldingen. Het gaat over hoe een organisatie omgaat metsignalen van overbelasting, herstel, preventie en vertrouwen. Daar ligt eenbelangrijke rol voor de OR: niet alleen reageren op voorstellen van debestuurder, maar ook zelf agenderen, bevragen en richting geven.

Verzuimbeleid is vaakinstemmingsplichtig

Wanneer een bestuurder eenverzuimprotocol, ziekmeldingsprocedure, re-integratieregeling of andereregeling van algemene strekking wil invoeren of wijzigen, is al snel artikel 27 lid 1 sub d WOR vantoepassing. Dat betekent dat de OR instemmingsrecht heeft.

Dat is geen formaliteit. Debestuurder moet tijdig, schriftelijk en met alle relevante stukken instemmingvragen. Doet de werkgever dat niet en wordt het besluit toch doorgezet, dan kande OR binnen één maand schriftelijk de nietigheid inroepen. Ook kleinerewijzigingen kunnen instemmingsplichtig zijn.

Voor de OR betekent dit:niet alleen kijken naar de tekst van het beleid, maar vooral naar de gevolgenervan voor gedrag, werkdruk en herstel.

Meer daninstemming alleen

Naast instemmingsrecht heeftde OR soms ook adviesrecht, bijvoorbeeld bij grotere organisatorische keuzesrond de verzuimketen, outsourcing van arbodienstverlening, investeringen inverzuimsoftware of herinrichting van casemanagement. In die situaties gaat hetniet alleen om een regeling, maar ook om de inrichting van het systeemerachter.

Daar komt ook artikel 28 WOR in beeld. Dit artikelgeeft de OR de taak om de naleving van voorschriften op het gebied vanarbeidsomstandigheden te bevorderen. Verzuimbeleid hoort daar in de praktijknauw mee samen. Zeker wanneer verzuim samenhangt met werkdruk, PSA ofgebrekkige preventie, hoort de OR verder te kijken dan het verzuimpercentagealleen.

Informatie opvragen enpatronen lezen

Op grond van artikel 31 en 31b WOR kan de ORinformatie opvragen die nodig is om zijn taak goed te vervullen. Denk aangeanonimiseerde verzuimcijfers, trends in langdurig en kort verzuim, gegevensover werkdruk, PSA, evaluaties van interventies en informatie over dearbodienst.

Juist de patronen achter decijfers zijn belangrijk. Neemt het langdurig verzuim toe? Zijn er teams metopvallend veel stressklachten? Is er frequent kort verzuim dat mogelijk wijstop structurele overbelasting? Verschillen afdelingen sterk van elkaar? Zulkevragen helpen de OR om verzuim niet als incident te zien, maar alssysteemvraagstuk.

De rol vanMZ in Dialoog

Hier past MZ in Dialoog als vorm van dialogischeraadpleging uitstekend. In plaats van alleen cijfers te toetsen of eenbeleidstekst af te vinken, organiseert de OR een gesprek waarin managers enmedewerkers samen betekenis geven aan wat er speelt.

Dat maakt het mogelijk omniet alleen te vragen wat hetverzuimcijfer is, maar vooral waardoorhet ontstaat en wat er nodig is omhet duurzaam te verbeteren. Dialogische raadpleging helpt om signalen vanoverbelasting, onzekerheid over ziekmelden, gebrek aan vertrouwen of knelpuntenin leidinggeven zichtbaar te maken.

Voorbeeldvragen aan managers

Deze vragen helpen de OR ommet managers in gesprek te gaan over beleid, uitvoering en gedrag:

·      Wat is volgens jullie de belangrijkste oorzaak van verzuim binnenonze organisatie?

·      Welke signalen zien leidinggevenden vóórdat verzuim ontstaat?

·      Hoe wordt werkdruk in teams gemonitord en besproken?

·      Waar lopen leidinggevenden vast in de uitvoering van hetverzuimbeleid?

·      Hoe voorkomen we dat er te snel op terugkeer wordt gestuurd?

·      Welke rol pakken leidinggevenden in preventie, herstel en duurzameinzetbaarheid?

·      Hoe zorgen we voor gelijke toepassing van beleid tussen teams enafdelingen?

·      Welke informatie hebben leidinggevenden nodig om goed te kunnenhandelen?

·      Hoe wordt voorkomen dat managers op de stoel van de bedrijfsartsgaan zitten?

·      Wat is er nodig om het beleid minder controlerend en meerondersteunend te maken?

Voorbeeldvragen aanmedewerkers

Bij grotere raadplegingenonder medewerkers draait het vooral om ervaring, veiligheid en werkbaarheid:

·      Wanneer voelt jouw werk te zwaar of te veel?

·      Kun je werkdruk en belasting op tijd bespreekbaar maken?

·      Voel je je veilig om je ziek te melden als dat nodig is?

·      Ervaar je voldoende steun van je leidinggevende bij herstel enterugkeer?

·      Wat helpt jou om gezond en inzetbaar te blijven?

·      Zie je in jouw team signalen van overbelasting of stress?

·      Worden problemen rondom werkdruk en herstel serieus genomen?

·      Voelt het verzuimbeleid ondersteunend of vooral controlerend?

·      Is er voldoende aandacht voor preventie, of komt aandacht pas alsiemand uitvalt?

·      Welke verandering zou het meeste verschil maken in jouw dagelijksewerk?

Vragen voorde OR zelf

Een sterke OR stelt nietalleen vragen aan anderen, maar ook aan zichzelf:

·      Welk probleem probeert dit beleid werkelijk op te lossen?

·      Is de voorgestelde maatregel preventief of vooral corrigerend?

·      Wat betekent dit voor werkdruk, privacy en vertrouwen?

·      Wie wordt door dit beleid geholpen, en wie mogelijk niet?

·      Sluit het beleid aan bij wat op de werkvloer echt speelt?

·      Hoe toetsen we of het beleid in de praktijk werkt?

·      Welke alternatieven zijn er die minder controlerend en meerduurzaam zijn?

·      Welke afspraken kunnen we vastleggen in eenondernemingsovereenkomst op grond van artikel 32 WOR?

Gebruik ook hetinitiatiefrecht

De OR hoeft niet af tewachten tot de bestuurder iets voorlegt. Via het initiatiefrecht van artikel 23 WOR kan de OR zelf onderwerpen op deagenda zetten. Denk aan structurele kwartaalrapportages over verzuim, extraaandacht voor PSA, betere begeleiding van leidinggevenden of strengereprivacywaarborgen in verzuimsystemen.

Ook kan de OR afsprakenlaten vastleggen in een ondernemingsovereenkomst op grond van artikel 32 WOR. Daarmee krijgt beleidmeer bestendigheid en kan de OR periodiek evalueren of afspraken nog werken.

Verzuim als systeemvraagstuk

Sterke OR’s kijken nietalleen naar protocollen en procedures, maar vooral naar wat er op de werkvloergebeurt. Wordt verzuim benaderd als kostenprobleem, of is er ook aandacht voorherstel, werkdruk en gezonde inzetbaarheid? Juist daar maakt de OR het verschil.

Een dialogische aanpak zoalsMZ in Dialoog helpt daarbij. Nietdoor harder te oordelen, maar door scherper te luisteren, beter te bevragen ensamen te zoeken naar oplossingen die juridisch kloppen én menselijk werken. MZin Dialoog zorgt voor het activeren van meer medewerkers en het verkrijgen vanbetrouwbaardere informatie om de rol naar bestuurder onderbouwd te vervullen.

 

Aan de slag, hoe?

1 Vraag eerst de juistestuurinformatie op.

Gebruik je rechten omgeanonimiseerde verzuimcijfers, trends, PSA-signalen en evaluaties vanmaatregelen op te vragen, zodat je het onderwerp goed kunt duiden.

 

2 Bereid de instemming endialoog met de bestuurder voor.

Breng scherp in beeld waarhet beleid instemmingsplichtig is, welke alternatieven er zijn en welkevoorwaarden de OR wil stellen voor een goed en werkbaar verzuimbeleid.

 

3 Organiseer een dialogischeraadpleging via MZ in Dialoog.

Raadpleeg managers enmedewerkers over werkdruk, veiligheid om je ziek te melden, de rol vanleidinggevenden en de vraag of het beleid in de praktijk ondersteunend of juistcontrolerend werkt.

 

4 Zet op basis van deuitkomsten een concreet OR-voorstel op de agenda.

Gebruik de signalen uit dedialoog om verbeterpunten te formuleren en agendeer die via het initiatiefrechtvan de OR.

Laten we een afspraak maken!

De eerste stap is gezet: jullie hebben aandacht voor en interesse in het betrouwbaar raadplegen van medewerkers en draagvlak vergroten. De volgende stap? Ons een bericht sturen of direct iets in te plannen.

We ontmoeten je graag om te leren welke stap jullie willen zetten en waarom.

Onze Locatie

Dr. Lelykade 22 - Unit 4, 2583CM Den Haag, Nederland

Telefoon

0031 (0)85 401 1161

Bevestig alsjeblieft dat je geen robot bent.